72 UUR WATERVASTEN
Niet eten. Drie dagen lang. Alleen water.
Voor de één klinkt dat als een behoorlijke uitdaging. Voor een ander roept het juist nieuwsgierigheid op.
Zelf vind ik vooral fascinerend wat er gebeurt wanneer eten 72 uur lang even geen onderdeel is van je dag. Ineens merk je hoe vaak je aan eten denkt, op welke momenten je normaal automatisch iets pakt en of je echt lichamelijke honger voelt of vooral gewend bent om op dat moment iets te eten.
Je merkt misschien ook hoe belangrijk samen eten voor je is en hoeveel gewoontes zich ongemerkt rondom voeding hebben gevormd. Dat is voor mij een van de interessantste kanten van een 72-uurs watervast: je haalt tijdelijk iets heel gewoons uit je dagelijks leven en juist daardoor ga je soms dingen zien die je daarvoor helemaal niet opvielen.

Vasten is eigenlijk helemaal niet zo vreemd
Drie dagen niet eten voelt in onze huidige wereld behoorlijk ongewoon. Eten is tenslotte overal. Vanaf het moment dat we wakker worden tot vlak voordat we naar bed gaan kunnen we iets pakken: ontbijt, koffie met iets erbij, lunch, een tussendoortje, avondeten en misschien nog iets lekkers op de bank.
Dat is een luxe die voor mensen lange tijd helemaal niet zo vanzelfsprekend is geweest. Voedsel was niet altijd voortdurend beschikbaar en ons lichaam heeft dus ook manieren ontwikkeld om een tijd zonder nieuwe aanvoer van energie door te komen. Ons dagelijks leven ziet er inmiddels heel anders uit, en juist daardoor vind ik vasten zo interessant.
Niet omdat we terug zouden moeten naar een tijd van schaarste, wel omdat je pas merkt hoeveel momenten op een dag met eten verbonden zijn wanneer je het tijdelijk weghaalt. Je loopt de keuken in en denkt automatisch aan iets pakken. Je zet koffie en mist ineens dat kleine hapje erbij. Het wordt lunchtijd en je lichaam, je hoofd én je agenda lijken allemaal te weten: nu hoort er gegeten te worden.
Soms is er honger. En soms merk je vooral hoe sterk ritme, gewoonte, gezelligheid en eten met elkaar verweven zijn. Normaal sta je daar nauwelijks bij stil. Totdat je drie dagen even niets eet.
Als eten wegvalt, blijft er van alles over
Dat vind ik misschien wel het meest bijzondere aan 72 uur watervasten. Je stopt met eten en vervolgens ontdek je dat het helemaal niet alleen over eten gaat.
Misschien merk je dat je altijd iets wilt wanneer je thuiskomt, dat koffie bijna automatisch samenhoort met iets erbij of dat eten ontspanning betekent na een drukke dag. Misschien ontdek je juist dat samen aan tafel zitten veel meer voor je betekent dan je vooraf had bedacht.
Dat zijn geen dingen die je hoeft op te lossen. Je merkt ze op. En zodra je een gewoonte eenmaal ziet, kun je er ineens heel anders naar kijken.
EVEN STILSTAAN
Wat gebeurt er wanneer je niet automatisch naar eten grijpt?
Wat voel ik eigenlijk?
Waar heb ik op dit moment werkelijk behoefte aan?
En hoeveel van wat ik normaal doe, gebeurt gewoon omdat ik het altijd zo doe?
Drie dagen zonder eten kunnen daardoor verrassend veel vertellen over de plek die eten in je dagelijks leven heeft gekregen.
ACHTER DE SCHERMEN
Ondertussen schakelt je lichaam wél degelijk om
Terwijl jij misschien vooral merkt dat het lunchtijd is en je normaal iets zou eten, gebeurt er vanbinnen natuurlijk ook van alles. Na je laatste maaltijd gebruikt je lichaam eerst de energie die direct beschikbaar is. Ook de glycogeenvoorraad in je lever helpt een tijd om glucose beschikbaar te houden.
Naarmate het vasten langer duurt, verschuift die verhouding. Er worden meer vetzuren vrijgemaakt uit opgeslagen vet en je lever maakt steeds meer ketonen. Die kunnen vervolgens door verschillende weefsels als brandstof worden gebruikt.
Je lichaam draagt geen stopwatch.
Dat omschakelen gebeurt geleidelijk. Er is geen moment waarop je lichaam om 14.37 uur denkt: hoppa, vanaf nu doen we het anders. Processen lopen in elkaar over en het tempo verschilt tussen mensen. Wat je vooraf hebt gegeten, hoeveel energie je hebt opgeslagen, hoeveel je beweegt en je eigen fysiologie spelen daarin mee.
Ook autofagie hoort bij het verhaal van vasten. Dat is een normaal cellulair proces waarbij onderdelen in cellen worden afgebroken en hergebruikt. Voedingsbeschikbaarheid is één van de factoren die de signalering rondom dit proces beïnvloedt. Wat we bij mensen veel minder precies weten, is op welk uur vasten autofagie in welke weefsels hoeveel verandert.
Je lichaam schakelt, past zich aan en reageert voortdurend op wat er beschikbaar is. In een volgend artikel duik ik veel dieper in die fysiologie. Voor nu is vooral interessant om te weten dat er tijdens die drie dagen achter de schermen een echte metabole verschuiving plaatsvindt — terwijl jij aan de voorkant misschien vooral ontdekt hoeveel je verlangt naar die ene kop koffie met iets lekkers erbij.
Die 72 uur beginnen eigenlijk al vóór je stopt met eten
Een 72-uurs watervast bestaat voor mij niet alleen uit drie dagen waarin je niets eet. De dagen ervoor horen erbij, net als het moment waarop je daarna weer gaat eten.
Vooraf helpt het om bewust naar zo’n vast toe te leven. Niet vanuit de gedachte dat je je lichaam eerst perfect moet voorbereiden, maar omdat drie dagen niet eten nu eenmaal een behoorlijke verandering is ten opzichte van je gewone ritme. Ook mentaal maakt voorbereiding verschil.
Wanneer je begrijpt wat er ongeveer kan gebeuren, welke veranderingen bij langer vasten kunnen optreden en waar je onderweg aandacht voor mag hebben, hoef je niet ieder gevoel onmiddellijk te interpreteren.
De eerste maaltijd
Na drie dagen waarin eten uit je ritme is verdwenen, kan zoiets eenvoudigs ineens alle aandacht krijgen. Geur, smaak en textuur vallen meer op. Misschien eet je langzamer en merk je bewuster wanneer het genoeg is.
In eerdere vastenrondes hoorde ik deelnemers daar regelmatig bijna verbaasd over vertellen. Alsof eten na drie dagen afwezigheid opnieuw even ontdekt werd. Ook daarom vind ik het verbreken van de vast geen bijzaak; het hoort bij de ervaring.
Niet omdat er één magische manier bestaat waarop het moet, maar omdat rustig terugkeren naar eten je de gelegenheid geeft om ook dát deel bewust waar te nemen. Misschien is dat wel een rode draad door die hele 72 uur: even minder op de automatische piloot en iets aandachtiger kijken naar wat je ervaart.
SAMEN VASTEN
Je doet dezelfde 72 uur. En toch loopt iedereen zijn eigen weg.
Wat mij in de groepen die ik de afgelopen jaren heb begeleid steeds opnieuw opviel, is hoe verschillend mensen dezelfde 72 uur kunnen ervaren. De één heeft nauwelijks last van honger en vindt vooral de gewoonte rondom eten lastig. Een ander heeft een pittige tweede dag. Iemand wordt verrast door hoeveel energie er nog is, terwijl een ander juist merkt dat rust op dat moment veel prettiger voelt.
Precies die verschillen vind ik interessant. In een groep hoor je ineens dat iets wat jij vreemd vindt door iemand anders wordt herkend — of dat iemand diezelfde vast totaal anders beleeft. Dat kan relativeren en soms ontstaat er daardoor vanzelf een nieuwe vraag: hé, bij haar gaat dit anders. Hoe zou dat komen?
Tijdens eerdere rondes zag ik ook hoeveel het kan helpen wanneer iemand gewoon even kan zeggen dat het tegenvalt. Niet om haar koste wat kost door te laten gaan, wel om samen te kijken naar wat ze ervaart en of verder vasten op dat moment nog passend voelt.
Soms helpt uitleg, soms herkenning en soms gewoon het bericht van iemand anders die op precies hetzelfde moment denkt: waarom vond ik dit ook alweer een goed idee? En soms is stoppen juist de goede beslissing.
Dat vind ik belangrijk aan begeleiding. Een vast is voor mij geen prestatie die koste wat kost moet worden afgevinkt. Het is een ervaring waarin je serieus mag nemen wat je lichaam onderweg laat merken.
Niet ieder moment is een goed moment om 72 uur te vasten
Dat vind ik minstens zo belangrijk om te zeggen als alle mooie kanten van een vast. Drie dagen niet eten is niet automatisch passend omdat iemand nieuwsgierig is of al vaker korter heeft gevast. De omstandigheden tellen mee.
Hoe slaap je? Hoeveel stress ligt er op dit moment op je bord? Hoe voelt je energieniveau? Gebruik je medicatie of speelt er iets medisch? En is dit eigenlijk wel het moment waarop zo’n langere vast bij je past?
Daarom werk ik niet met een simpel lijstje waarop je zelf kunt afvinken of je ‘geschikt’ bent. Vooraf kijk ik persoonlijk mee. Soms is mijn antwoord: ja, dit lijkt een mooi moment. En soms ook: nu nog even niet.
Bijvoorbeeld omdat ik eerst wil dat iemand beter slaapt, meer herstelt of iets met een arts of behandelaar bespreekt. Dat zie ik niet als een tegenvaller. Het hoort juist bij zorgvuldig vasten.
Want 72 uur niet eten hoeft geen bewijs te zijn van wilskracht. Het moet passen bij jou én bij de omstandigheden waarin je op dat moment leeft.
TOT SLOT
Waarom ik 72 uur watervasten nog steeds zo bijzonder vind
Ik heb inmiddels heel wat uren besteed aan lezen over vasten, zelf vasten en het begeleiden van mensen die 72 uur niet aten. En nog steeds vind ik het fascinerend.
Vanwege wat er fysiologisch gebeurt wanneer de constante aanvoer van voeding even wegvalt, en minstens zozeer vanwege wat zo’n onderbreking kan blootleggen. Hoe vaak we eten zonder daar werkelijk over na te denken. Hoe sterk momenten, geuren, gezelligheid en gewoontes met eten verbonden zijn. En hoe verschillend mensen reageren.
Ook zie ik hoeveel vertrouwen iemand soms kan ervaren wanneer ze ontdekt dat haar lichaam zich gedurende die dagen kan aanpassen. Daarom gaat 72 uur watervasten voor mij nooit alleen over drie dagen niet eten.
Het is ook drie dagen kijken, waarnemen en voelen wat er gebeurt. En misschien na afloop iets beter begrijpen welke signalen, gewoontes en behoeften in het gewone dagelijks leven makkelijk aan je aandacht ontsnappen.
Wil je weten hoe ik een 72-uurs watervast begeleid en waarom ik vooraf persoonlijk kijk of het bij je past?
Ben je vooral benieuwd hoe andere deelnemers die drie dagen hebben ervaren? Lees dan de ervaringen met 72 uur watervasten →
Liefs,
Ingrid

Pingback: Water dat werkt - Ingrid van Eijk - voedingsdeskundige - lifestyle expert
Pingback: Wat suiker écht doet met je lichaam - Ingrid brengt je terug naar natuurlijke gezondheid en ritme — met watervasten, zonlicht, water en voeding als krachtbronnen